Fronteers 2011
Op frontend congressen ging het tot niet zo lang geleden vooral over Internet Explorer: de bugs, de frustratie en de ellende. En over hacks waarmee je prachtige dingen kunt maken voor oudere browsers. Dit jaar werd er meer gezeurd over de bizarre code van Google apps dan over oude browsers! Fronteers 2011 ging voornamelijk over alle fantastische dingen die we nu al kunnen maken – zonder hacks! – en over de nog mooiere dingen die we binnenkort kunnen doen én over het doel om alles wat je maakt echt zo mooi en goed mogelijk te maken. Misschien komt het wel door de nadruk op mooie, goede dingen dat dit wat mij betreft de beste en meest inspirerende editie van Fronteers tot nu toe was. Hier mijn observaties.
Aral Balkan - The Future is Native – video
Een congres voor Frontend developers wat opent met een presentatie met deze titel, ghehehe. Aral Balkan is een fantastische spreker. Inspirerend, vriendelijk en goed. Bij Aral draait het allemaal om de allerbeste ervaring, om de user experience van een site of een app tot in de perfectie te vervolmaken. Om de beste ervaring te kunnen bieden moet je je apps native maken. Onder native verstaat hij iets anders dan je zou denken: native betekent dat je gebruik maakt van de mogelijkheden van apparaten. Dit houdt niet vanzelf in dat je alleen nog native apps in de klassieke betekenis moet gaan maken, het web is in veel gevallen voldoende. Wat het wél inhoudt, als je het toepast op het web, is dat eenvoudige progressive enhancement niet voldoende is, dat write once, run everywhere een mythe is. Je moet veel verder gaan dan dat, je moet optimaliseren voor alles. Dus niet alleen voor schermgrootte, niet alleen voor geolocation, localStorage en bijvoorbeeld touch maar ook voor aparte apparaten indien dat mogelijk is.
Naast zijn pleidooi voor perfectie hield hij ook een pleidooi voor openheid, voor delen van code, van kennis. Beide pleidooien kwamen in veel presentaties van ander sprekers terug, het is duidelijk dat dit momenteel misschien wel de belangrijkste punten zijn in webdevelopment: maak fantastische, prachtige dingen en deel je kennis, je fouten en je ideeën met iedereen. Mooi!
Derek Featherstone - Accessibility for the Modern Web
Ook Derek liet zien hoe je sites nóg beter kunt maken en ook hij had het over optimalisatie voor nogal specifieke gebruikers. Hij liet zien hoe je moderne webtechnieken kunt inzetten om websites toegankelijk te maken en hoe je ze daardoor eigenlijk ook voor iedereen beter maakt, hoe je als het ware een betere basis legt voor je gehele app. Wat hij ook liet zien is hoe je nieuwe webtechnieken als ARIA niet moet inzetten, hij liet voorbeelden zien van formelementen die nagemaakt worden met verkeerde HTML en die vervolgens met behulp van ARIA en andere toegankelijkheidsattributen volledig ontoegankelijk gemaakt worden. Maar het mooist waren toch wel de simpele oplossingen die hij liet zien voor veelvoorkomende patronen zoals een hulp-bubbel bij een formulier bijvoorbeeld. Enkele punten: maak goed gebruik van tabindex=-1, maak goed gebruik van de focus-volgorde (wat gebeurt er als een element zijn focus kwijtraakt? Dan gaat hij terug naar waar hij daarvoor was), en gebruik het liefst nooit de tabindex, een keyboard trap waarbij sommige elementen geen focus kunnen krijgen is zo gemaakt. Als dit allemaal gewoon basiskennis was dan zouden veel sites gewoon beter zijn.
Alle voorbeelden uit zijn verhaal – en veel meer – zijn te vinden in deze lange lijst met voorbeelden.
Lea Verou - CSS3 Secrets: 10 things you might not know about CSS3
Om prachtige, fantastische dingen te kunnen maken moet je natuurlijk wel weten wat er allemaal kan met de huidige webtechnieken. Lea Verou legde in een uiterst informatieve presentatie uit wat er allemaal mogelijk is met CSS3; ja dat zijn ongelooflijke dingen, veel meer dan ik dacht, en ik zie mezelf echt niet als een n00b op dit gebied. Transitions kan je overklokken! Border-radius:50%; is altijd perfecte ellips! De spread van box-shadow kan je gebruiken om oneindige hoeveelheden outlines te maken! pointer-events:none; heerst en is bovendien detecteerbaar! Selectors zijn een heel vak apart aan het worden! Gradients al helemaal! En nog veel meer; zoals alle nieuwe CSS3 cursors waarmee je je app net dat stukkie beter kunt maken, net dat stukkie extra . Klik haar HTML presentatie vooral door (je kunt de code aanpassen in de browser!), Lea begrijpt de materie door en door. Fantastisch om te zien en erg goed gepresenteerd.
Bruce Lawson - HTML5 Semantics: you too can be a bedwetting antfucker
In deze vaak hilarische presentatie legde Bruce Lawson – naast de term mierenneuken – ook uit waar de iets minder sexy nieuwe HTML elementen nu precies voor zijn. Dus geen fancy voorbeelden van canvas of video maar een grondige en duidelijke uitleg over de precieze betekenis van elementen als time en section. De outline, die we nu nog maken met h1 tot en met h6 maken we in de toekomst alleen nog maar op met h1's en de verschillende sectioning elementen (dat moeten we nu nog niet doen omdat screenreaders nog helemaal niks doen met HTML5). Een mooie tip om de basis van je site, de HTML, nóg beter te maken is door de HTML te schrijven voor mensen, meestal komt er dan iets goeds uit. Een goed voorbeeld hiervan is het gebruik van het nav element wat we misschien wel om elke lijst met interne links zouden willen zetten. Als we dat zouden doen dan is het nut van dit element – eenvoudig de belangrijke, relevante navigatie vinden – weg. Taaie kost op een inspirerende manier gebracht, niet veel mensen kunnen dat en Bruce Lawson kan dat als de beste.
Stephen Hay - Go with the flow
Stephen Hay spreekt op Fronteers altijd over technieken die we nog (lang) niet kunnen gebruiken. Twee jaar geleden sprak hij over grid-layout en flex-box, dit jaar liet hij nieuwe layouttechnieken zien die nu in ontwikkeling zijn. Regions zijn kan je zien als een uitbreiding van multi-column waarbij de tekst niet gewoon over een x-aantal kolommen wordt verdeeld maar waarbij de tekst over definieerbare regionen verdeeld wordt. Hiermee is het mogelijk om bepaalde layoutvormen die we vooral kennen uit de magazine- en krantenwereld na te maken op het web. De implementatie is nog erg experimenteel (alleen in IE10 en Chrome Dev) maar dit kan een erg krachtige tool worden waarmee artikelen prachtig kunt opmaken. Het is ook een tool waarmee je content volledig onbruikbaar kunt maken, Stephen waarschuwde niet voor niks regelmatig om dit soort technieken alleen in te zetten als je ze nodig hebt, niet gewoon omdat ze bestaan – een belangrijk punt.
Dat geldt vooral voor exclusions waarmee je tekst in vormen kunt laten zien. Ook dit wordt veel gebruikt in de magazine-wereld. Op het web, waar we weinig tot geen controle hebben over hoe de content er precies uit gaan zien (browsers, ossen, fontrenderingstechnieken, persoonlijke instellingen, niet-bestaande woordafbreking) levert dit waarschijnlijk voornamelijk problemen op, terecht dat hij niet te veel aandacht besteedde aan dit onderwerp. Een derde ding wat hij noemde waar ik wel graag meer info over had gekregen (maar die er gewoon nog niet is, legde hij me later uit) is line grid waarmee je op eenvoudige wijze de horizontale regelmaat van tekst kunt beïnvloeden, iets wat nu nodeloos complex is. Erg belangrijk en zeker voor teksten die over meerdere kolommen staan, dat moet gewoon perfect uitlijnen.
Zoals altijd met de onderwerpen waarover Stephen praat op Fronteers geld ook dit keer dat het helemaal niet zeker is of dit overal geïmplementeerd gaat worden, er kleven nogal wat potentiële performance-issues aan. Fallback is gelukkig heel simpel, alles wat niet wordt begrepen wordt niet gebruikt en de content wordt gewoon in één kolom getoond. En die kunnen we natuurlijk stijlen zoals we gewend zijn. Prachtig en inpirerend zoals altijd.
Tab Atkins, Jr. - The Future of CSS – Current Experiments and Near-Future Reality
Sommige mensen zijn toch wel zo enorm geniaal, je ziet gewoon dat ze twee keer zo snel denken. Tab Atkins Jr. denkt minstens vier keer zo snel als ik. In een razend tempo liet hij ons zien wat er allemaal voor prachtigs verzonnen en geïmplementeerd wordt door de CSS3 working group. Met de element functie kan je elementen uit je HTML pagina als achtergrond gebruiken en dat kan handig zijn voor bijvoorbeeld thumbnails bij een slideshow. Je zou er ook een vergrootglas mee kunnen maken. Met background: image(); (dus niet url()) kan je fallbackplaatjes definieren. Daar kan je dingen mee als background: image("img.webp", "foo.svg", "foo.png", blue) waarbij elke browser gewoon toont wat ie kan tonen met als laatste fallback een kleur. Een kleurwaas over een plaatje leggen zou hier ook mee kunnen (background: image(rgba(255,0,0,.1)),url(foo.jpg);). Dit is zeker weer zoiets waarvan de mogelijkheden eindeloos zijn. Ik kijk al uit naar het moment dat mensen dit gaan combineren met gradients.
De markers in een lijst (ol of ul) kan je nu eindelijk, na honderdduizend jaar, een aparte kleur geven. Of gewoon vormgeven zoals je dat zelf wilt. Niet echt fantastisch, dat had al lang mogelijk moeten zijn. Maar, legde Tab uit, mensen die de CSS specs schrijven zijn over het algemeen helemaal geen webdevelopers, het zijn browserbouwers. Ze weten dus niet zo goed wat wij, de designers en developers precies willen. Hij riep ons op om use cases aan te dragen zodat de specschrijvers snappen waarom iets nodig is.
Dingen als flex-box, waarmee je menu's of formulieren kunt vormgeven en dingen als grid alignment, waarbij je ascii art gebruikt om je layout te bepalen (en waarbij source-order er niet toe doet) zijn van die dingen die we in de praktijk nodig hebben. Net zoals de nieuwe units vh, vw (waarbij de v staat voor viewport), rem en ch (de breedte van de 0, het allergemiddeldste leesteken). Dingen als width:calc(100%/7); en em,i{font-style: cycle(italic, normal);} hebben we ook al sinds jaar en dag nodig. Het komt er allemaal aan.
Wat we nu ook eindelijk gaan kunnen is links op een normale manier vormgeven. Nu moeten we prutsen met de :link pseudo-class maar we krijgen daar nu mooie dingen bij als :any-link, :local-link, :local-link(n) en :local-link(0). Met al dit moois (en nog veel meer, hij heeft niet alles behandeld) kunnen we een heleboel puntjes op i-tjes gaan zetten en het ideaal van Aral Balkan – perfecte user-interfaces – wellicht eenvoudiger benaderen.
Leslie Jensen-Inman - Passion. Purpose. Promise. Pursuit.
Doe elke dag drie goede dingen, dat heeft Leslie Jensen-Inman geleerd toen ze als klein kind te horen kreeg dat ze geen echte superheld kon worden maar het wél kon proberen. Leuk advies en ook voor volwassenen prima toe te passen. De wereld zou er niet slechter uit zien als meer mensen volgens dit principe leefden. Bovendien zou je er ook elke dag naar moeten streven om prachtige, fantastische dingen te maken, de rode draad van dit congres. Leslie gaf een paar tips over hoe je je doel in je leven kunt vinden en bereiken via de stappen Passie, Doel, Belofte en Streven. Zo is dagdromen bijvoorbeeld een goede eigenschap, je hebt het nodig om je passie te bepalen en je doel te verzinnen (en het is natuurlijk ook gewoon relaxed). Een mooie tip was om je belofte zo vaag mogelijk te houden (met Do Good and Make Awesome kan je van alles doen bijvoorbeeld). Uiteindelijk kwam ze tot de conclusie dat superhelden wellicht toch bestaan, dat het de mensen zijn die hun kennis overdragen, die anderen willen helpen om beter te worden. Er zaten goede tips en mooie voorbeelden in haar presentatie, hij was misschien iets te Amerikaans voor dit lichtelijk cynische Europese, Nederlandse en zelfs Amsterdamse publiek.
Alex Russell - Web Components and Model Driven Views
Zware kost op de vroege vrijdagochtend. De tweede dag van Fronteers 2011 begon met een verhaal over hoe we het web wellicht sneller kunnen veranderen, de huidige situatie (met nogal wat browsers die eens in de twee jaar updaten) zorgt er voor dat we lang moeten wachten totdat we de nieuwe kick ass webtechnieken volledig kunnen benutten. Hij roept op om mensen met slechte en oude browsers actief op te roepen om te updaten, hij is niet zo van de zachte hand die voor elke dinosaurus een passende fallback verzint. Er is wat voor te zeggen.
Door deze situatie zitten we namelijk opgescheept met hacks en frameworks. Hacks om bijvoorbeeld grafische foefjes te kunnen tonen in browsers, frameworks zoals jQuery om veelvoorkomende functies voor je aan te bieden. Hacks als javascript widgets die veelvoorkomende patronen (zoals een date-picker) voor je maken en hacks als microformats die de extra semantiek die we willen toevoegen. We moeten dit soort patronen schreeuwen naar de browserbouwers anders worden ze nooit goed geïmplementeerd en blijven we hacken. Hij ging zelfs zo ver om te zeggen dat JavaScript een hack is: alles wat we niet met CSS of HTML kunnen oplossen is een hack, en elke hack willen we vroeger of later gewoon door de browser laten doen, dat willen we niet telkens zelf schrijven!
Hierna vertelde hij over de shadow-DOM, over mogelijke manieren om hier elementen aan toe te voegen, aan manieren om die te manipuleren. Het schaamrood staat me op de wangen, maar hier was hij me even kwijt. Maar niet iedereen. Martin Sutherland kan niet wachten tot het er allemaal is maar Bruce Lawson denkt dat dit het resultaat zal zijn: Cjeeesgh hjioprt buergkt qwuimni ghreeeef byu zerhkfzaah. Don't understand what that means? That's private semantics for you.
.
Divya Manian - The New Developer Workflow
Bij mooie nieuwe dingen hoort een nieuwe workflow. Ons vak is zo complex aan het worden dat de huidige manier van werken niet meer voldoet. Ze is van mening dat een tool als Photoshop inmiddels echt achterhaald is voor web design: op geen enkele manier komt een statisch plaatje meer overeen met wat gebruikers te zien gaan krijgen; schermgrootte, transities, focus, hover, animaties, complexe interacties, performance, ze zijn niet te ontwerpen buiten de browser en ze worden met de dag belangrijker.
Maar niet alleen voor designers wordt alles complexer, ook voor developers. Om bij te blijven is het lezen van de Daily Nerd en andere blogs niet meer genoeg, we moeten de specs gaan lezen en bijhouden om te weten wat er aan komt en wat we al kunnen, we moeten continu blijven leren. En leren is onderdeel van ons werk, als we het niet doen kunnen we geen kick ass shit maken. Een toffe manier om dingen te leren is door samen te werken aan projecten op Github, door bijvoorbeeld voorbeelden toe te voegen aan bestaande projecten of zelf iets nieuws te starten en om feedback te vragen.
Ze gaf de goede tip om alle developertools te kennen, dus niet alleen Firebug maar ook Dragonfly en de tools in Chrome en Safari. Ken ze allemaal zodat je ze kunt gebruiken maar kies er een die je door en door kent. Met sommige developer tools kan je bijvoorbeeld remote debuggen. Remote debuggen? Ja: kijken wat er gebeurt op een mobieltje bijvoorbeeld.
Verder raad ze aan om dingen als Sass te gaan gebruiken (waar niet iedereen het overigens mee eens is, onderzoek het goed voor je die stap maakt), om geen vendor-prefixes meer te gebruiken voor box-shadow en border-radius (hoera!), om gebruik te maken van de build scripts (bijvoorbeeld die van HTML5 Boilerplate), ze roept ons op om bugreports te sturen naar browserbouwers en om gebruik te maken van tools als jsFiddle, jsBin en github om code snippets te delen omdat het veel makkelijker is die code te delen en te verbeteren. Allemaal toptips die we nu ter harte moeten nemen.
Robert Nyman - HTML5 Forms - KISS time
Robert Nyman liet ons heel praktisch zien wat voor nieuwe formulier-elementen en -attributen er allemaal zijn. Dingen als <input type="search" autosave="Saved searches">, attributen zoals autocomplete=off voor op invoervelden of formaction="not/the/default/" voor op submit-buttons. Hij liet kort het output element zien wat realtime feedback geeft op wat iemand invoert, en hij behandelde kort het datalist element.
Iets dieper ging hij in op HTML5 form validatie, hoe je dat kunt stijlen, hoe je bepaald standaard browsergedrag kunt omzeilen (gebruik input:focus:invalid zodat niet alle lege velden invalid zijn). Hij waarschuwde er wel voor om nog niet volledig te vertrouwen op HTML5 validatie omdat het duidelijk nog niet af is.
Ik vond zijn verhaal niet erg duidelijk en vooral incompleet. Hij heeft het niet gehad over het feit dat nieuwe input types als email en range heel mooi degraderen in oude browsers en zijn advies om validatie nog niet te gebruiken kan makkelijk verkeerd begrepen worden als een advies om nog geen gebruik te maken van HTML5 forms, zo kwam het bij mij wel over in elk geval. Vooral erg jammer dat hij alle tijd had om veel dieper in te gaan op al deze dingen, na een half uurtje was hij al klaar terwijl hij een uur de tijd had.
Seb Lee-Delisle - CreativeJS – beauty in the browser
Creatief met JavaScript, in de DHTML-tijd waren we het al. Maar de laatste tijd, met de komst van dingen als canvas, SVG en WebGL kunnnen we pas echt toffe dingen gaan maken. Seb Lee-Desisle maakt toffe dingen. Hij liet ons in het eerste halve uur van zijn presentatie zien hoe een eenvoudig partikel-mechanisme in elkaar zit. Het is simpel te houden door de suggestie van natuurwetten te wekken, je hoeft ze niet exact na te bootsen. Door vervolgens wat te klooien met instellingen (gebruik vooral af en toe negatieve waardes!) kan je prachtige effecten krijgen. Na een half uur kwam er rook uit zijn cursor, net echt!
Het tofste van zijn presentatie en waarschijnlijk het hoogtepunt van heel Fronteers was de tweede helft van zijn presentatie waarin hij ging proberen om het publiek als monitor te gebruiken waarbij ieders telefoon een pixel zou zijn. In een uiterst vermakelijke aaneenschakeling van lachsalvos, blije kreten en computer crashes toonde Seb in een paar stappen hoe je 200 smartphones kunt synchroniseren (complimenten aan de organisatie voor de goede Wifi) en hoe je vervolgens Pacman kunt laten animeren over al die schermen. Echt fantastisch. Een prachtig voorbeeld van de thema's van dit congres: maak toffe dingen, gebruik kikke technieken en ga net even verder
John Resig - jQuery and the Open Source Process
Hoe zorg je er voor dat jouw product succesvol wordt? Alleen een goed product maken is niet genoeg, mensen moeten het weten te vinden en moeten het kunnen gebruiken. In deze uiterst inspirerende babbel vertelde John Resig hoe jQuery er voor zorgt dat het zo gigantisch is geworden (het wordt intussen meer gebruikt dan Flash, wat natuurlijk een volledig nutteloze constatering is).
Maar zijn verhaal ging er dus over hoe je er voor kunt zorgen dat je product succesvol wordt. Zorg er voor dat mensen direct kunnen beginnen en snel kunnen groeien. Om dit voor elkaar te krijgen moeten deze vragen direct beantwoord worden op de homepage: wat is dit, wat kan ik er mee en waar kan ik er meer over leren? Zorg dus voor een duidelijke omschrijving zodat mensen snappen wat het is, zorg voor duidelijke voorbeelden zodat ze snappen wat het doet en zorg voor goede documentatie en oefeningen zodat mensen direct aan de slag kunnen. Ga er in je documentatie van uit dat mensen er niks van snappen, leg dus alles goed uit. Zorg er ook voor dat je voorbeelden altijd werken, ongeacht het apparaat waarmee men kijkt, mensen zullen niet naar je linken als er iets stuk is. Houd alles ook zo simpel mogelijk zodat mensen het snel begrijpen, er snel mee aan de slag kunnen en dus snel ervaren gebruikers worden.
Zorg voor plekken waar mensen vragen kunnen stellen en zorg er voor dat ze altijd antwoord krijgen. Neem ook iedereen altijd serieus, iedereen is in potentie iemand die kan bijdragen aan jouw product. Mensen die niet serieus genomen worden of die knorrig of zelfs vijandig behandeld worden zullen natuurlijk niet geneigd zijn om bij te dragen. Logisch.
Verder raadt John aan om alles, echt alles, in het openbaar te doen. Alle jQuery meetings gebeuren wekelijks op een vast tijdstip via IRC, iedereen kan meekijken en meedoen. Alle afspraken en todo-lists zijn zo openbaar. Op deze manier is het makkelijker om schuldigen aan te wijzen bij fuckups maar zo voorkom je fuckups ook. Bied ook je documentatie op zoveel mogelijk manieren aan, onder een open licentievorm, zodat mensen jouw content kunnen gebruiken op de manier die ze zelf prettig vinden.
Uiterst inspirerende babbel met zeer nuttig advies.
Jake Archibald - In your @font-face
Mooie letters gebruiken op het web, het is mogelijk. Jake Archibald legde in deze bij vlagen hilarische presentatie uit hoe je dat moet doen. In eerste instantie lijkt het lekker simpel: je linkt naar een font-bestand en de browser toont het. Zo zou het ook zijn als er geen oude browsers en vooral font-foundries zouden bestaan. Tot in detail behandelde hij elk aspect van het kleine stukje code waarmee je een fontbestand linkt.
Als eerste moet je naar het eot-bestand linken en je moet er een # achter zetten zodat IE de rest van de rules niet ziet als onderdeel van de URL. Link naar verschillende bestandstypes voor allemaal verschillende browsers. Maak geen gebruik van een local source omdat je nooit zeker weet hoe die er uitziet (het zou een heel ander bestand kunnen zijn). Je kan een unicode range aangeven voor een font wat erg handig is voor internationale sites. Fallbacks zijn in sommige browsers buggy en als je hinting weglaat wordt het bestand wel kleiner maar worden de fonts echt onleesbaar op veel Windowsconfiguraties.
Performance is een belangrijk probleem, fontbestanden kunnen heel groot zijn. Stuur alleen de letters mee die je wilt gebruiken. Zorg er voor dat EOT bestanden gecached worden, anders worden ze niet getoond. Sommige browsers halen alle fonts op die ze tegenkomen, sommige alleen de fonts die ze nodig hebben maar allemaal doen ze het weer anders. Het is eigenijk een beetje gekmakend als je het zo ziet.
Maar iets om echt gek van te worden zijn de font-foundries zelf die gebruik maken van absoluut achterlijke en vijandige licentievormen. Wat er uitziet als een feest, namelijk mooie fonts gebruiken op je website, is een gedrocht van jewelste geworden. Erg jammer. Klik de presentatie in elk geval door als je iets met font-face wilt doen, het is de absolute bron op dit gebied.
Chris Heilmann - The prestige of being a web developer
De afsluiter van het congres was een opzwepende donderpreek van Christian Heilmann die ons voorhield dat het tijd is dat we mensen gaan inspireren. De tijd is voorbij dat we een design krijgen, dat we dat gaan slicen en verder niks. Wij zijn de mensen die weten wat er allemaal kan met de kick ass nieuwe technieken, wij zijn dus ook de mensen die die kennis moeten overdragen, die er voor moeten worden dat creatieven er mee aan de slag gaan. We moeten ons realiseren dat wat wij doen er uit ziet als magie, als iets wonderlijks.
We moeten meer gaan samenwerken – het is in meer presentaties genoemd – we moeten github, jsFiddle en dat soort tools gaan gebruiken. We moeten voortborduren op andermans ideeën en niet volgens het domme adagium not invented here leven en werken. We moeten dus ook contact zoeken met flash developers omdat veel van de fantastische dingen die we nu maken met canvas en andere kikke technieken jaren geleden ook al gedaan zijn door flashers. We moeten aan ze vragen hoe het werkt zodat we dat niet allemaal opnieuw hoeven uit te vinden. Die kennis is er al!
Alles wat we maken moet prachtig zijn en het moet tof zijn om mee te spelen of mee te werken. Zorg gewoon altijd voor goede fallback content, dat is een detail wat het echt mooi maakt. Zorg dat alles van goede kwaliteit is, maak het af. Stel vragen, niet alleen zodat je antwoord krijgt maar ook zodat mensen (zoals browserbouwers) weten weten wat er leeft. Een andere goede tip is om altijd open te zijn over wat je maakt, mensen kunnen je dan helpen. En werk samen, niet alleen omdat het tof en handig is, ook zodat projecten voort kunnen leven zodra jij er geen zin meer in hebt.
Samenwerken kan ook ongevraagd. Zie je een tof project op github waar geen documentatie of voorbeelden bij zit? Niemand zal het vervelend vinden als jij die even toevoegt. Vul de gaten dus op, reageer op foute informatie op blogs met de juiste informatie, leer van anderen en draag jouw kennis over en blijf vooral, altijd, vriendelijk!
Eind
Mooie dingen maken, samenwerken, delen, vriendelijk zijn, op de details letten, kick ass technieken gebruiken, de toekomst goed in de gaten houden (misschien is ie er al!), helpen, goede dingen doen, kennis overdragen, idiote dingen verzinnen, creatief zijn met de opties die er zijn en je werk, ondanks al het tofs, bijzonder serieus nemen zodat we alleen nog maar kick ass dingen maken. Dit was een nuttig én een tof congres. Petje af voor de organisatie!